Soedan

22 mei 2018 - Khartoum, Soedan

19-05-2018 t/m 29-05-2018

Na een onrustige nacht in het grensplaatsje Metema gaan we al vroeg de zoveelste grenspassage aan.Het is weer zo’n grens die niet moeilijk is maar een eeuwigheid duurt en daarbij is het ook nog eens weekend. Na ruim 4 uur hebben we alle stempels verzameld en rijden we Soedan binnen. Er was ons verteld dat de eerste 50 km na de grens erg slecht zouden zijn. Dat viel gelukkig er mee. Hier en daar wat gaten maar dat was alles. De volgende 100 km is naar ons idee een stuk slechter. Slingerend tussen en door de gaten heen, ploeteren we door. De stoelvering heeft het begeven en dat is extra vermoeiend. De temperatuur loopt op tot ruim 45 graden. Om 17.00 uur zien we een zandpad naar een aangeplant stuk bos lopen. We zijn dan halverwege Wad Madani en Gedaref. We rijden het zandpad een stuk af en vinden een mooi plekje voor de nacht. Als de zon wat in kracht afneemt, repareren we de stoelvering. Een gescheurd luchtslangetje is de boosdoener. De tweede dag in Soedan rijden we naar Khartoum. Onderweg zien we honderden meters soms wel kilometers, lange wachtrijen bij de tankstations. Er heerst een enorm brandstof tekort in Soedan en mensen staan zomaar 4 dagen te wachten voor een paar liter diesel of benzine! Wij wisten dit vooraf en zijn met ruim voldoende diesel Soedan binnengereden. Het valt ons op dat de verschillen met Ethiopië, groot zijn. Hier vrijwel geen wandelaars, fietsers, ezelskarren en vee op de wegen. Ook het verkeer valt mee, maar dit kan natuurlijk ook met de brandstof schaarste te maken hebben. Bij de tolpoortjes laten we een bonnetje zien van de betaling van de tol van gisteren en we kunnen zo doorrijden. Wat er precies op het bonnetje staat weten we niet omdat hier alles in het Arabisch is! Ook bij de politie checkpoints alleen maar vriendelijke gezichten. Even een handje schudden en wat vragen beantwoorden waar we naar toe gaan en vandaan komen, en we kunnen weer verder. In Khartoum verblijven we bij het German Guesthouse. Waggel staat naast de ingang in de straat. We slapen natuurlijk in Waggel maar voor de rest gebruiken we de voorzieningen van het guesthouse. Norbert is de vriendelijke, hulpvaardige eigenaar. Hij maakt een afspraak voor ons met Waleed voor morgenochtend. Waleed heeft een reisbureau dat contacten heeft binnen de ambassade van Saudie Arabië. Wij geven hem onze paspoorten en hij gaat proberen onze visums te regelen. We zijn er wat onzeker over omdat de Ramadan begonnen is en er al diverse motorrijders geweigerd zijn. Maar gelukkig voor ons geen problemen. We hadden al na een dag de paspoorten met de visums erin terug. Eén van Norberts medewerkers heeft goede contacten met een scheepvaart agentschap. We hebben Ibrahim gevraagd te informeren naar prijzen voor de ferry-oversteek naar Saudie Arabië. Hij is gaan bellen en we krijgen een mooi aanbod. We laten het Ibrahim definitief maken. Voor $350 hebben we de verscheping geregeld inclusief een eerste klas hut. Omar, aan andere medewerker van Norbert, is ondertussen met onze paspoorten op weg om ons als “aliën” te laten registreren. Deze registratie is verplicht en zonder kom je het land niet meer uit. De laatste dag in Khartoum staat in het teken van een zandstorm. Gedurende de dag blijft de temperatuur maar oplopen en de wind toenemen. Norbert verteld dat het buiten Khartoum zelfs geregend heeft. Maar hier in de stad is het een stofbende met als hoogtepunt de zandstorm in de avond. Je kan geen hand voor ogen meer zien. Gelukkig hadden we ramen en het dakluik net op tijd dicht. Verder is alles bedekt met een laagje zandstof. Slecht voor je ogen en je keel! Met alles dicht is het nog warmer geworden in Waggel. De thermometer gaf zelfs aan dat het binnen 52 graden was! Na 5 dagen gaan we onderweg richting de Rode Zee. We verlaten de stad aan de noordkant. In de loop van de middag komen we langs de Meroe Pyramides. We lunchen hier en maken wat foto’s. Voor de plaats Atbara begint het mistig van het zandstof te worden. Terwijl we uitkijken naar een overnachtingsplek rijden we zo (weer) een zandstorm in. Het zicht loopt terug naar enkele tientallen meters. We zien kans om van de weg af te rijden en parkeren voor de nacht naast de hoofdweg. We kijken morgen wel waar we staan! Het blijft nog uren stormen en Waggel staat te schudden op zijn banden. Weer een zweterig nachtje dus!

We beginnen aan de laatste etappe naar de haven van Suakin. Al vroeg zitten de eerste 170 km erop. We komen op het stuk van Atbara tot aan Suakin vrijwel geen plaats of dorp tegen. Het is één grote, lege zandvlakte. Met nog enkele kilometers te gaan komen we bij een bergachtig gedeelte. Hier splitst de weg zich en wordt het éénrichting verkeer. De weg naar Suakin buigt links af en slingert tussen de rotsen door. In Suakin rijden we naar een open plek vlak naast het haventerrein. Van hieruit gaan we de komende dagen de verscheping in gang zetten. Ondanks dat we tickets hebben gaat alles nog niet vanzelf. In de kantoortjes die het verder regelen moeten, spreekt men nauwelijks Engels. Best lastig dus als je zelf geen Arabisch spreekt! Maar na wat zoeken en vragen komen we toch bij het juiste kantoortje uit. Maar omdat we pas de volgende dag willen verschepen kunnen ze nu nog niks voor ons doen. Voordat we dit begrepen, waren we alweer een paar uur verder. De volgende dag is er wel meteen actie als we terug zijn. De tickets en onze paspoorten worden door een medewerker meegenomen en wij moeten wachten. Het duurt ook nu weer erg lang. De stroom is uitgevallen en daarmee dus ook het netwerk. Geduld dus. Maar het is goed gekomen. Alle papieren zijn compleet en we kunnen naar de haven. Dus zijn we daar heen gereden maar we komen het terrein niet op. De politieagenten vertellen ons dat de boot er nog niet is. Pas als deze er is mogen wij het terrein op. Want, zo zeggen ze, “misschien is hij wel gezonken”. Dat schept vertrouwen! Dus maar weer terug naar het plekje waar we de laatste dagen gestaan hebben. Hier hebben we uitzicht op de haven en we wachten af. Om 15.00 uur zien we de ferry aankomen en gaan wij ook naar de haven. Op aanwijzing van de agenten parkeren we voor het douanekantoor dat er niet alleen totaal verlaten uitziet, maar ook totaal verlaten is. Het duurt uren voordat er wat beweging is. Pas na 19.00 uur vult een ambtenaar ons carnet in. Alleen een stempel en een handtekening ontbreken, maar deze mag alleen door de chef geplaatst worden. Ondertussen ben ik met de paspoorten naar de immigratie geweest. Ook dit is een complexe en bewerkelijke onderneming. Gelukkig stuurde een chef van de politie een medewerker mee om me de weg te wijzen. In totaal waren 5 stempels en 2 formulieren nodig voor de exit stempel in onze paspoorten. Ondertussen wachten we nog steeds op de chef van de douane. Die verscheen pas tegen 21.00 uur. De strak in uniform gestoken man wilde niet tekenen voor hij onze auto grondig gecontroleerd had. Dat betekende dus alle 12 kratten eruit en alle kasten open. Een fijn afscheid van Afrika! Eindelijk konden we naar de ferry die al uren lag te wachten maar gelukkig niet alleen op ons. Lange rijen bedevaartgangers met hun bagage schuifelen over de kade de laadklep van de ferry op. Er reizen met ons 1.400 gelovigen mee! Samen met Waggel zijn we de laatste die de ferry op gaan. We worden naar de receptie begeleid om daar de sleutel van onze hut in ontvangst te nemen. Normaal lopen is er niet bij. Overal liggen mensen en hun bagage op de grond. Om 02.00 uur begint de zeereis van bijna 20 uur, over de Rode Zee, naar Jeddah, Saudie Arabië!

TWA; This Was Africa! 

Gereden route Soedan, 1.283 kilometer

Foto’s

Jouw reactie