Brazilië deel 2
9 april 2026 - Salvador, Brazilië
28-02-2026 t/m 09-04-2026
De regen blijft ons nog een tijd achtervolgen. We wachten een paar dagen op mooi weer maar een boottocht in het NP Lençóis de Maranhenses, zit er helaas niet in. We kunnen gelukkig nog wel een stukje met Waggel door dit mooie duingebied heenrijden maar de blauwe meren tussen de witte duinen, waar het park om bekend staat, zien er nu grauw uit. Zo langzamerhand beginnen we te beseffen dat het reizen in Brazilië veel tijd gaat kosten. De wegen zijn smal, druk en slecht onderhouden. Gelukkig klaart het wat op als we de camping van Luiz oprijden. De camping zit net buiten Camocim en vlak bij de kust. Al snel staan de stoelen weer eens buiten. Heerlijk! We halen de fietsen tevoorschijn en verkennen de omgeving. In het levendige centrum genieten we van lekker eten met uitzicht op de vele, houten vissersbootjes. Vlakbij de camping is het gezellig druk bij de restaurants die half in het meer zijn gebouwd. Hier lessen we onze dorst met onze voetjes in het water. Na 5 heerlijke dagen is het toch echt weer tijd om verder te gaan. We volgen de kust verder naar het oosten en vinden een rustig plekje in de wat uitgestorven plaats Cumbuco. Het lijkt een vakantiebestemming met veel luxe huizen en resorts. Het is alleen nogal buiten het seizoen en dus zijn ook de meeste restaurants en bars gesloten. Maar we staan mooi pal aan het strand en hiervandaan is het niet ver naar Fortaleza waar we ook een dagje willen rondslenteren. Met de taxi laten we ons ’s morgens voor het, in 1910 gebouwde theater José de Alencar, afzetten. Een theater met een gietijzeren constructie en veel glas in lood. Erg mooi om te zien! We zwerven wat door het centrum dat niet overal even prettig aanvoelt. Toch nemen we een kijkje bij de kathedraal, lopen langs een Hollands fort en bezoeken een cultureel centrum. Na een late lunch laten we ons terugbrengen naar Waggel.
Een paar dagen later gaan we, in Natal, langs bij een Volvo dealer. We willen toch graag dat ons dashboard het weer doet. We worden vriendelijk ontvangen en krijgen zelfs een lunch aangeboden. Maar bijna 10.000 Euro voor een nieuw dashboard gaat ons toch wat te ver! Om dit te laten bezinken trakteren we ons op een korte strandvakantie. Bij de plaats Barra do Canhaú settelen we ons op een prettige camping aan zee. Het regenachtige weer heeft plaatsgemaakt voor heerlijke warmte en zon. Dus de luifel uit en de stoeltjes eronder. De fietsen komen weer tevoorschijn om de omliggende dorpjes te bezoeken. Voor de camping ligt een ondiepte die volloopt bij vloed. Een heerlijke “natural pool” om in te dobberen! Het plan was om ook met de fiets naar Pipa te rijden. Dus laten we ons, met een pontje, het ondiepe riviertje overzetten, en gaan onderweg. Helaas stranden we al na 3km in het losse zand van het pad door de duinen. De fietsbanden zijn te smal voor dit terrein. En dus maken we de volgende dag gebruik van het aanbod van Diane en Genici. Ze willen ons de mooiste plekjes in de omgeving laten zien. Ze runnen de camping en kennen de omgeving dus goed. En zo bezoeken we dus toch nog het toeristische dorp Pipa met zijn stranden en kliffen. Een gezellige en geslaagde dag! Na 10 dagen camping wordt het toch tijd om verder te trekken, al beviel het ons hier wel erg goed. We volgen de kust verder naar het zuiden en bereiken zo Recife. Hier vinden slechts een parkeerplekje op een overvol parkeerterrein midden in de stad. Nogal rumoerig dus. Maar gelukkig met een prima restaurant om de hoek. Met een Uber (die hier spotgoedkoop zijn), bezoeken we het historische Olinda en het centrum van Recife. Op Palmzondag laten we ons afzetten op het hoogste punt van de stad, de kathedraal in Olinda. Door verkeerde informatie van AI missen we de processie. Er is genoeg te zien in het centrum maar de kerken zijn vandaag gesloten voor publiek. Langs de steile, met kinderkopjes, bestraatte wegen, staan felgekleurde huizen. Elk heeft zijn eigen kleurcombinatie en alles is perfect onderhouden. Een heel verschil met het koloniale centrum van Recife, die we een dag later bezoeken. Hier voornamelijk panden in steigers of in verval. Het centrum ligt op een paar grote eilanden, die verbonden zijn met bruggen. Dit levert de stad de naam “Venetië van Brazilië” op. De historische panden zijn veel groter dan die in Olinda maar hier staan ook betonnen gebouwen uit de jaren 80 en 90 tussen. Een totaal andere sfeer dan het meer dorpse Olinda.
En dan gaat de route weer verder naar het zuiden. Aan dit enorme land lijkt geen einde te komen! Onderweg verblijven we een paar dagen in Praia do Frances van waaruit we de Goede Vrijdag processie in Maceió, bezoeken. Het liep uit op een teleurstelling. Eerst woonde we een, eindeloos durende kerkmis bij, en aansluitend begon er een kleine processie. Maximaal 100 personen. Niet wat we verwacht hadden. We zaten al snel terug in de taxi naar Praia do Frances waar het een stuk gezelliger is. Onze laatste camping aan het strand (van deze reis), is bij Coruripe. Een geweldige plek onder de palmbomen en strand zover je kunt kijken voor jezelf alleen. Heerlijk afkoelen in zee. Al ging dat niet altijd goed. Een moment van onoplettendheid en een grote golf, gooide ons ondersteboven en weg was mijn bril….. Niet meer gevonden natuurlijk en ook de volgende dagen niet aangespoeld. Nog weer een stuk zuidelijker bezoeken we Salvador de Bahia. Op een parkeerterrein in Jaua is plaats genoeg en hier komt de bus naar Salvador. Alleen onderschatten we de traagheid van het openbaar vervoer en zijn we genoodzaakt om eerder uit te stappen en een taxi te nemen, om op tijd te zijn voor een geboekte stadswandeling door het oude centrum. We zijn 3 uur onderweg geweest om 43km af te leggen en we zijn net op tijd. Een Argentijnse gids, die hier al 12 jaar woont, neemt ons en de rest van het kleine groepje, mee door het centrum van de voormalige hoofdstad van Brazilië. Al snel krijgen we te horen dat de stad meer kerken heeft dan dagen in het jaar. Ook heeft de stad veel invloeden van de vele afstammelingen van de Afrikaanse ex slaven. Het centrum staat vol koloniale gebouwen. Van klein tot groot en in alle kleuren van de regenboog. Volgens de gids heeft 80% van de inwoners Afrikaans bloed en dat merk je aan de sfeer op straat. In de bovenstad staan kleinere gebouwen en voelt het wat knusser. In de steegjes vind je mooie muurschilderingen. De benedenstad is grootser en drukker. Allebei een totaal andere sfeer en uitstraling. We vonden het een bezoek zeker waard!
Foto’s
1 Reactie
-
Anne-Marie en Ad:2 juni 2026Prachtig land Brazilië, alleen de afstanden zijn gigantisch. Maar jullie hebben ervan genoten.


